Voorkom "uithuisplaatsing" Klokkenluiders

november 2019

Het advies van de Nationale Ombudsman aan de minister over het Huis voor Klokkenluiders (HvK) ligt er.
Klik door voor het rapport: https://huisvoorklokkenluiders.nl/wp-content/uploads/2019/11/Advies-van-Van-Zutphen-aan-minister-Ollongren.pdf

Hieronder de belangrijkste punten uit het advies en een reactie hierop. Daarop volgt een reactie op deze visie, door van Frank Wassenaar van het Huis voor Klokkenluiders, waaruit blijkt dat zij open staan voor deze visie.

De belangrijkste punten uit het advies van de Nationale Ombudsman

1. Adviseur mag melder niet langer ondersteunen
Het belangrijkste punt van advies van de Ombudsman is dat zodra er een onderzoek plaatsvindt door het Huis voor Klokkenluiders, de adviseur van de afdeling advies niet langer ondersteuning mag bieden aan de klokkenluider. De ombudsman adviseert dit om iedere schijn dat de adviseur tevens belangenbehartiger zou zijn van de klokkenluider te vermijden. Hij is van mening dat voor de ondersteuning aan de klokkenluider tijdens het onderzoek een andere externe ondersteuner (lees: belangenbehartiger) moet worden gevonden. Met andere woorden: ondersteuning en belangenbehartiging voor de klokkenluider kan niet langer door de adviseur van de Afdeling Advies van het Huis voor Klokkenluiders gebeuren. Voor juridische, psychosociale en soms ook financiële ondersteuning van de klokkenluider moet in de toekomst worden doorverwezen naar externe belangenbehartigers. De ombudsman vindt dat er een fonds moet komen om ondersteuning aan de klokkenluiders ter beschikking te kunnen stellen.

2. Opheffing van de strikte scheiding tussen de afdelingen Advies en Onderzoek
Een ander belangrijk opvallend advies van de Nationale Ombudsman is om niet langer uit te gaan van een strikte scheiding tussen de afdeling Advies en de afdeling Onderzoek.

Standpunt VAN OSS & PARTNERS
Wij zien een beperkt aantal voordelen maar toch vooral een groot aantal nadelen vastkleven aan dit advies.

Onze mening over het advies dat adviseur melder niet langer mag ondersteunen
Wij ervaren dit advies als een verschraling van de ondersteuning van de klokkenluider. En daar was het toch allemaal om begonnen. Alleen wanneer het fonds er daadwerkelijk komt en de belangenbehartigers aan de klokkenluiders worden gefaciliteerd, dan is dit wellicht in juridische zin een verbetering, maar niet persé in de zin van morele en psychologische ondersteuning. Maar de hamvraag is of dat dit fonds er gaat komen.

In onze ogen is de rol van adviseur als ondersteuner van de melder juist belangrijk. Dat ondersteunen moet niet zo ver gaan dat de adviseur optreedt als belangenbehartiger, maar het past wel in de rol van de adviseur om de werkelijkheid van de melder zo goed mogelijk voor het voetlicht te brengen. Dat geldt ook voor het verslag van het onderzoek. De adviseur heeft doorgaans een betere kijk op welke zaken, die de melder heeft geschetst, essentieel zijn voor het onderzoeksrapport. Bij afwezigheid van ondersteuning door de adviseur, ontstaat er een aanzienlijk risico dat, door gebrekkige kennis bij de melder, wezenlijke zaken niet, niet volledig of vertekend in het rapport terechtkomen. De melder wordt hier welhaast genoodzaakt om weer een andere externe adviseur in te schakelen en in te werken.

Wij hebben ons, in het ondersteunen van een medewerker, wel eens verbaasd hoe beperkt en gekleurd de weergave van de door melder geschetste werkelijkheid in het onderzoeksrapport was terechtgekomen. Alsof de gerenommeerde onderzoeker het rapport al naar een conclusie had toegeschreven. Dit betrof overigens geen onderzoeker van het Huis voor Klokkenluiders.

Daarom maken wij ons zorgen over dit advies van de ombudsman. Wanneer een fonds voor belangenbehartiging voor melders in het vooruitzicht wordt gesteld, zijn onze vragen hierbij:

  • hoe ziet dat fonds er dan uit?;
  • hoe wordt dat fonds gerealiseerd?;
  • wanneer wordt dat fonds gerealiseerd?;
  • door wie wordt dit fonds gefinancierd?;
  • hoe wordt gegarandeerd dat vanuit dit fonds de melder zich verzekerd weet van een deskundige belangenbehartiger?*
  • wie ondersteunt de klokkenluider tot aan de tijd dat het fonds is gerealiseerd?

* Met een deskundige belangenbehartiger bedoelen wij dan iemand die op de hoogte is van de ins en outs van de klokkenluidersregeling. Omdat er nog maar weinig ervaring is met klokkenluiderszaken zijn er vanzelfsprekend tot heden ook nog maar weinig belangenbehartigers echt gedegen ingevoerd op dit specifieke terrein.

Het voordeel van het toekennen van een rol aan de adviseur in deze klokkenluidersprocedure als ondersteuner, zonder dat hij belangenbehartiger wordt, is juist dat hij vanuit de ondersteunende rol melder wegwijs kan maken in de procedure en kan aangeven welke stappen de melder kan ondernemen na kennisname van het onderzoeksverslag. Daarmee voegt de adviseur niets toe aan het verhaal van de melder, hij draagt er slechts zorg voor dat het verhaal van de melder en alle door hem geschetste, relevante zaken uit de verf komen.

Het ondersteunen van de melder bij bijvoorbeeld inzagerecht van het onderzoeksrapport, maakt niet dat je daarmee onderzoeker bent, of je op het terrein van de onderzoeker of dat van belangenbehartiger begeeft. Wanneer je constateert dat er iets niet klopt in het rapport, kunnen er separate aantekeningen toe worden gevoegd aan het verslag of is het zaak om de melder alsnog te verwijzen naar een belangenbehartiger.

De Wet Huis voor Klokkenluiders heeft er juist bewust in voorzien om aan werknemers het recht te geven om in vertrouwen een adviseur te raadplegen over het vermoeden van een misstand. Het idee van de wet was dat de melder de adviseur kan verzoeken om informatie, advies en ondersteuning inzake het vermoeden van een misstand. Kortom het was de bedoeling van de wetgever dat de melder met de adviseur van het Huis kan sparren over hoe de melding het best kan worden vormgegeven en wat het beste vervolg is nadat het onderzoeksrapport is afgerond. De Wet Huis voor Klokkenluiders is er juist gekomen om te voorkomen dat de boodschapper onschadelijk wordt gemaakt.

Pieter van Vollenhoven gaf bij oprichting van het Huis al aan dat deze wet er juist is gekomen om ‘nestbevuilers’ en ‘landverraders’ te beschermen. Ons advies: laat de adviseur van het Huis de klokkenluider blijven ondersteunen -ook tijdens het onderzoek- totdat het fonds van belangenbehartigers in kannen en kruiken is.

Onze mening over het opheffen van de scheiding tussen de afdelingen Advies en Onderzoek
Het is jammer dat de ombudsman adviseert om deze scheiding ongedaan te maken. Daarbij wordt er geheel aan voorbijgegaan dat deze scheiding juist noodzakelijk was om vertrouwelijk te kunnen melden en goed te kunnen adviseren aan melders. De scheiding is verder bedoeld om ervoor te zorgen dat gegevens die melder vertrouwelijk deelt met de adviseur, niet bij de afdeling Onderzoek belanden. Wanneer voor opheffing van deze scheiding wordt gekozen zou het beter zijn wanneer het toenmalige Adviespunt Klokkenluiders als zelfstandige organisatie nieuw leven wordt ingeblazen ( dat is destijds ook van verschillende kanten geadviseerd) maar door de politiek is toen helaas anders beslist. Om er nu één geheel van te maken, is echter het andere uiterste.

De argumentatie dat de scheiding om organisatorische redenen niet te handhaven is, vinden wij weinig overtuigend. Immers: ook zonder concrete zaken te benoemen kunnen de afdeling Advies en de afdeling Onderzoek in algemene zin met elkaar overleggen en kennis uitwisselen. Door de strikte scheiding op te heffen ontstaat er juist een extra drempel om te melden (een gevoel van onveiligheid bij melders dat dat wat wordt gemeld, belandt bij de afdeling Onderzoek). Dat kan toch niet de bedoeling zijn en is zeker niet de bedoeling geweest van de wetgever destijds.

Wij zien de waarde van de versterking van de positie van afdeling Onderzoek
Wij zien ook de waarde van het advies waar dit de onafhankelijke, onpartijdige positie van de afdeling Onderzoek versterkt. Dat kan uiteraard voordelen hebben wat betreft de uitspraken die het Huis voor Klokkenluiders doet. Die uitspraken kunnen daardoor nog meer gewicht in de schaal leggen. Maar de hiervoor genoemde opheffing is daarvoor niet noodzakelijk.

Samenvattend
Kort en goed: met de Nationale Ombudsman zijn wij het eens dat de adviseur niet tegelijk belangenbehartiger kan zijn van de melder. Maar bij een goede invulling van zijn taak als adviseur in de procedure is hij dat ook niet. Het feit dat dit in de praktijk kennelijk een keer niet goed is gegaan, maakt nog niet dat op grond hiervan de adviseur opeens een belangenbehartiger wordt. De adviseur ondersteunt slechts, net zoals de vertrouwenspersoon dit doet bij een melding, de melder ten tijde van het onderzoek. Een belangenbehartiger is een raadsman of raadsvrouw (bijvoorbeeld een advocaat of een vakbondspersoon). Die wordt door de melder gemachtigd namens hem op te treden. Dat doet een adviseur van het Huis niet.
De vraag waar de rol van vertrouwenspersoon of adviseur overgaat in de rol van belangenbehartiger verdient nog nadere uitkristallisering.

Ons advies
Wij hopen dat zowel naar het punt van het opheffen van de strikte scheiding tussen afdeling Advies en Onderzoek als naar het punt van de ondersteuning van de melder door de adviseur in het advies van de ombudsman nog eens grondig wordt gekeken. Het zou jammer zijn wanneer de melder, zodra er een onderzoek komt, onmiddellijk afscheid moet nemen van de adviseur van het Huis (die zijn zaak kent met alle ins en outs) en dan een raadsman of raadsvrouw zou moeten inschakelen, waarvan de vraag is hoe goed hij hierop ingevoerd is. Dit nog los van de kosten die dat met zich mee brengt, en waarvan vooralsnog onduidelijk is wie die kosten zullen dragen. Zorg überhaupt dat éérst het fonds is geregeld voordat de adviseur van het Huis stopt met ondersteuning van de klokkenluider.

De minister heeft aangegeven een verkenning te willen laten doen naar de oprichting van een fonds. Laten we eerlijk zijn: dat klinkt weinig hoopvol. Temeer omdat het goed lopende Centrum Seksueel Geweld nu al niet langer voldoende financiële ondersteuning krijgt van de overheid.

Laat het niet komen tot een ‘uithuisplaatsing’ van klokkenluiders.

Dank aan:
Leo ten Brink
Rechtskundig Adviesbureau Ten Brink

Marcel van Oss
Directeur/ trainer
VAN OSS & PARTNERS

Reactie aan VAN OSS & PARTNERS door Frank Wassenaar (Woordvoerder Huis voor Klokkenluiders)

Geachte heer Van Oss,

Na ons telefoongesprek van donderdag 21 november hieronder op twee punten een samenvatting daarvan.

  • Als vervolg op de aanbevelingen-Ruys werken adviseurs en onderzoekers binnen het Huis al samen waar nodig en mogelijk en wisselen zij ervaringen uit (zo nodig geanonimiseerd).
    Binnen het bestuur werken de bestuursleden als collectief, met een gezamenlijke integrale verantwoordelijkheid. Dit is in lijn met het advies van de heer Van Zutphen.
    De strikte scheiding tussen advies en onderzoek (de zogenoemde Chinese Wall) is er wel op casus-niveau: zonder toestemming van een klokkenluider wisselen adviseurs en onderzoekers geen informatie over een concrete zaak uit. De heer Van Zutphen adviseert dat ook zo te houden.
  • De heer Van Zutphen adviseert dat adviseurs van het Huis geen ondersteuning aan een klokkenluider meer bieden vanaf het moment dat zijn/haar zaak bij het Huis in onderzoek komt.
    Het bestuur van het Huis beraadt zich nog op dit punt. Op z'n minst vraagt het om uitwerking, nuancering en precisering. Uitgangspunt voor het bestuur is dat een adviseur van het Huis een klokkenluider nooit zomaar zal ‘loslaten’, dus ‘de deur niet zal dichtgooien’ op het moment dat het Huis een onderzoek naar zijn/haar melding start.

Met vriendelijke groet,
Frank Wassenaar
woordvoerder Huis voor Klokkenluiders

Nawoord Marcel van Oss:

Vanaf september 2019 ben ik in gesprek met het Huis, zowel telefonisch als per mail. Met name omdat ik mij grote zorgen maakte over het meer en meer los laten van de ondersteuning van de Klokkenluider. Ik ben ontzettend blij dat deze uitwisseling constructief blijkt te zijn, dat er hierdoor beweging is gekomen. Op 11 november 2019 geeft het HvK in haar nieuwsbericht nog aan: “Het Huis voor klokkenluiders is blij met het advies van de Nationale Ombudsman”. Nu zegt het Huis:

"…Op z'n minst vraagt het om uitwerking, nuancering en precisering. Uitgangspunt voor het bestuur is dat een adviseur van het Huis een klokkenluider nooit zomaar zal ‘loslaten’, dus ‘de deur niet zal dichtgooien’ op het moment dat het Huis een onderzoek naar zijn/haar melding start.”

Wij ervaren hier voortschrijdend inzicht. Dat getuigt van grote moed. Laten we samen gaan staan voor de broodnodige ondersteuning van de klokkenluiders!

Terug naar het overzicht
Zoek een extern vertrouwens­persoon
Social media
  1. @LVV Op 21 april gaat LVV voorzitter Inge te Brake in gesprek met Alie Kuiper over een ILO Verdrag over de aanpak van ge… https://t.co/MqOr54AlUw
  2. @LVV NIEUW IN ONZE ACADEMIE: Webinar Van ongewenst gedrag naar vertrouwen op de werkvloer. Heeft u deze live uitzendin… https://t.co/1sQ3u14JHJ
  3. @LVV Heeft u onze nieuwsbrief van maart al gelezen? Hij is weer goed gevuld met informatie, nieuws, opiniestukken en tip… https://t.co/U23ino5Lq4
Wilt u lid worden?

Het lidmaatschap staat open voor personen die als vertrouwenspersoon in of voor een arbeidsorganisatie werken. Dit lidmaatschap betreft een persoonlijk lidmaatschap. Uw organisatie is dus geen lid van de LVV, u bent zelf lid. Aanmelden en opzeggen is daarmee ook uw eigen verantwoordelijkheid.

Meer informatie